Onderwijs nader bekeken
Stel cookie voorkeur in

Onderwijs nader bekeken

Onderwijsvisie

 

Pedagogisch klimaat

De basis voor goed leren is het welbevinden van kinderen. Wij proberen kinderen een omgeving te bieden waar ze zich gerespecteerd en veilig voelen. Het gaat niet alleen om ‘technische’ veiligheid, maar ook om bescherming tegen pesten, bedreiging, geweld en seksuele intimidatie. 

We willen ernaar streven dat kinderen zelf meer regie gaan voeren over hun leerproces; het stimuleren van zelfsturing. Hiermee sluiten we aan bij het pedagogisch concept van adaptief onderwijs, waarin voortdurend tegemoet wordt gekomen aan de drie basisbehoeften van kinderen: relatie, competentie en autonomie.

 

Kinderen, ouders en leerkrachten zijn in onze school gelijkwaardig, elk vanuit hun eigen rol en de daarbij horende verantwoordelijkheden. Een goed contact tussen school en ouders is van groot belang bij het nastreven van dat ene gemeenschappelijke doel: 

 

de kinderen voorbereiden op het vinden van een volwaardige plek in de maatschappij.

 

Op onze school hanteren wij drie omgangsregels (kapstokregels*) die wij consequent toepassen en met de kin-

 

deren bespreken. We leren kinderen voor zichzelf op te komen maar ook naar elkaar te luisteren (vierstappenaanpak*). We focussen zoveel mogelijk op de dingen die goed gaan door het benoemen van gewenst gedrag en complimenten te geven waar het kan (Taakspel*).  

 

Didactisch handelen

Wij bieden kinderen, binnen een goed gestructureerde en veilige setting, een prettige leeromgeving waar zij met plezier aan het leren gaan. De leerkrachten geven goede instructie volgens het zgn. IGDI-model* en zetten dagelijks coöperatieve werkvormen* in om de betrokkenheid te vergroten. Speciale aandacht is er voor autonomie van kinderen. Zelfsturing en zelfontdekkend leren waarbij de leerkracht dan een coachende rol heeft en zorg draagt voor uitdagingen en prikkels. Daarnaast staat centraal het samenwerkend leren en saamhorigheid om tegemoet te komen aan competentie/relatie van kinderen.

 

Wij bieden kinderen ruimte om hun talenten te ontplooien. Uiteraard kijken wij ook wat kinderen kunnen: wie extra hulp of tijd nodig heeft, krijgt dat - en wie meer aankan dan ‘het gemiddelde’ wordt uitgedaagd om zich breder te ontwikkelen. 

 

 

Wij werken vanuit de principes van convergente differentiatie: een gemeenschappelijke start en einde van de les, en tijdens de les inspelen op de verschillende onderwijsbehoeften van de kinderen; als uitgangspunt nemen we drie niveaus.

Om te komen tot een onderwijsaanbod waarin kinderen uitgedaagd en gestimuleerd worden tot betekenisvol onderwijs hebben we gekozen voor het concept “Kies adaptief”. De komende jaren zullen de leerkrachten deskundig gemaakt worden om een breinvriendelijk onderwijsaanbod te realiseren (BreinFijnLeren).

 

De vijf principes van breinvriendelijk onderwijs zijn:

1. Zorg voor veiligheid.

2. Zorg voor voeding van het brein (ons brein leeft op zuurstof).

3. Sociale omgang (als kinderen elkaar uitleggen zijn meerdere gebieden van de hersenen actief en wordt het geleerde beter verwerkt en vastgehouden).

4. Maak gebruik van emoties (wanneer leerlingen in relatie tot een onderwerp vrolijkheid, een schok of angst  ervaren, beklijft de stof langer).

5. Informatieverwerkingsprocessen (het brein zoekt naar nieuwigheid, voorspelbaarheid, feedback en betekenis).

Kern van het concept “Kies Adaptief” is kinderen meer invloed te geven op het leven en leren op school. Om te kunnen participeren moeten kinderen leren hun denken en handelen zelf te sturen. De school is de plaats waar ze dat leren. Op die manier ontwikkelen ze zich tot volwassenen die verantwoordelijkheid willen en kunnen dragen voor zichzelf en anderen. Dat is de kern waar het in opvoeding en onderwijs om gaat: ontwikkeling van zelfsturing.

Om kinderen mede-eigenaar te maken van het leven en leren op school ontwerpt de leerkracht een krachtige participatieve leeromgeving. Daarin wordt tegemoet gekomen aan de drie basisbehoeften van kinderen: relatie, competentie en autonomie.

Relatie wil zeggen dat kinderen ervaren dat ze erbij horen, welkom zijn, mee mogen doen en dat anderen met hen willen spelen en werken. Het gevoel van relatie wordt versterkt als kinderen invloed hebben op de manier waarop er met ze wordt omgegaan.

Kinderen ontwikkelen gevoelens van competentie als ze merken dat ze zich capabel en op hun taak berekend voelen, ze prestaties leveren en daarvoor waardering krijgen van anderen. Leren wordt betekenisvoller als kinderen invloed hebben op wat en hoe er geleerd wordt.

De ontwikkeling van autonomie wordt gestimuleerd wanneer kinderen zelf beslissingen mogen nemen, ze kunnen kiezen en verantwoordelijkheid mogen dragen voor hun initiatieven en activiteiten. Als kinderen zich betrokken weten bij de belangrijke zaken in hun leef- en leeromgeving versterkt dat hun gevoel van autonomie.

 

Een leraar die zelfsturing bevordert en tegemoet komt aan deze drie basisbehoeften doet dat door het dagelijks onderwijs zo te regisseren dat:

Er een veilig en tegelijkertijd uitdagend leerklimaat ontstaat waarvan kinderen mede-eigenaar zijn.

Kinderen vaardigheden ontwikkelen die nodig zijn om op eigen benen te staan.

Er geleerd wordt in betekenisvolle situaties, waarin kinderen zelf vorm en inhoud kunnen geven aan hun leren.

Kinderen een reflectieve houding ontwikkelen.

 

Klimaat, vaardigheden, betekenisvolle leersituaties en reflectie zijn dus de vier regiegebieden van ons onderwijs.

De resultaten van neuro-psychologisch onderzoek gebruiken wij voor ons onderwijsaanbod. De hersenen van kinderen zijn volop in ontwikkeling en dat vraagt om onderwijs dat aansluit bij de mogelijkheden van dit ontwikkelende brein

 

Onze missie

Met een kernachtige boodschap drukken wij uit dat we een basisschool zijn waar vanuit liefde en respect voor het kind eigentijds onderwijs wordt gegeven, zodat de kinderen, voorzien van de nodige ‘gereedschappen’, de stap naar het voortgezet onderwijs kunnen maken.

 

de niko tinbergenschool met plezier naar succes!